Opa

Dag Opa! Wat gaan we je missen! Dank je voor elk jaar dat we met je mochten delen. Dank je voor je enthousiasme, je positiviteit en je vreugde over alles in het leven. Dank je voor alle levenswijsheid die je ons van kleinsaf aan hebt meegegeven. Ik weet heel zeker dat je van daarboven ons zal mee volgen. En ik piep dan af en toe eens omhoog. We zien elkaar wel terug. En dan klinken we samen nog eens onze glazen wijn. Zoals kleinzoons en opa’s dat doen. Da-ag!

Opgedragen aan Hendrik Vandewoude 27 juli 1922 – 25 mei 2020

Oosterse keuken

Ik ben nogal verlekkerd op Oosterse keuken. En dat komt goed uit. Want ook mijn collega’s op het werk blijken enorm fan te zijn van eastern cuisine. Een op de twee keer gaat de lunch dan ook naar een van de fijne aziatische eethuizen in de buurt. Door de omstandigheden kan dat uiteraard niet meer.

Niet getreurd, want er zijn mogelijkheden zat om van de aziatische keuken te mogen proeven. Zo pikken we regelmatig een noedelsoep of een curry mee via Hello Fresh. Er is natuurlijk veel meer te ontdekken dan wat er in de doos-aan-huis wordt geleverd.

Ik begon een tijd terug interesse te krijgen in noodles dankzij Alex van FrenchGuyCooking en zijn 13 videos over zijn passie voor instant ramen noodles. En dus speel ik al even in mijn hoofd om zelf wat te experimenteren. In navolging van Alex ben ik op verkenning naar wat je met noedels kan doen. Ik ben vooral op zoek naar een goede introductie: recepten die je op een wip en een zucht kan maken.

Deze gerechten heb ik momenteel in mijn vizier:

Wie oosterse keuken zegt, zegt ook oosterse ingredienten. Niet iets wat je zomaar in huis hebt. Gelukkig is het niet moeilijk om het nodige te vinden. Op weg naar het Sint-Pietersstation had ik in februari nog de Asian Food Store Dun Huang ontdekt. Als je in Gent woont, dan zou dit je vaste prik moeten zijn. In Brugge? Dan is de Raan Asia de plaats waar je moet zijn voor all things asian. Meer zelfs, ligt verplaatsen moeilijk? Kies dan hun webshop en laat alles wat je nodig hebt gewoon thuis leveren.

Afin. Genoeg reclame. Ik heb net een bestelling geplaatst. Benieuwd waar dit naar toe leidt!

Dell Premier Keyboard

Toen ik voor de Universiteit begon te werken, wisselde ik de MacBook in voor een Dell XPS 13. Na een groot half jaar mag ik wel zeggen: een fijn toestel om dagelijks mee te werken. Een los klavier was echter niet inbegrepen bij de ruil. En ik moet nu ook wel vast stellen dat urenlang hameren op een een laptopklavier geen fantastische ervaring is.

En dus heb ik een Dell Premier Wireless Keyboard (and mouse) in huis gehaald. Het was deze review die mij over de streep trok. Na twee weken mag ik zeggen: een grote verbetering. De pijltjes toetsen zitten niet meer in de weg en de travel van de toetsen is een hele verademing. Ik heb de laatste 10 jaar Apple’s Magic Keyboards gebezigd, en dit klavier komt er heel erg dicht bij in de buurt.

Ook de muis is verrassend genoeg een stuk aangenamer om mee te werken dan ik had verwacht. Ze ligt vrij goed in de hand. Hoewel, mijn Logitech MX500 vind ik toch net fijner, maar het dagelijks versteken van “den draad” naar mijn desktop is net een handeling te veel. Ik sluit niet uit dat ik de Dell muis nog inruil voor een andere Logitech zoals de M705.

Als ik dan toch thuis moet blijven, dan graag met deftig materiaal op mijn bureau om de dag mee door te brengen.

Quarantine: Week 4

Of hoe het dagelijks leven op een zucht en een wip kan veranderen. Zonder verplichtingen buitenshuis verloopt de tijd anders. Niet trager of sneller. Anders. Ik ben er nog niet uit of dat beter of slechter is.

We koken veel meer. Afin, we zijn tout court meer bezig met eten dan voorheen. We houden ook wel van lekker eten. En een goede maaltijd is belangrijk fundament voor de mentale gezondheid. We bestellen wekelijks bij Hello Fresh. Soms eens drie maaltijden, soms vijf. En we wisselen af met wat bestellen via Coruyt’s Collect & Go. Ook dat is een ontdekking: hoe veel het Web kan helpen om zo min mogelijk – of zelfs gewoon niet – in winkels te moeten komen. Zelfs de bakker heeft nu een webshop met afhaal aan de deur.

We wandelen. Soms eens naar Brugge, maar heel vaak gewoon ’s avonds in onze buurt. Vooral de stilte valt op. Of nee, het ontbreken van het dreinende, veel te aanwezige lawaai van auto’s. En hoe andere geluiden die plaats nu innemen. Vogels die zich nu duidelijk laten horen, of geluiden van mensen een stuk verder in de straat, of vanuit tuinen. Brugge is een spookstad. Het leven dat de toerisme brengt is zo goed als verdwenen. In de binnenstad is het net zo stil als op de kerkpleintjes van de polderdorpjes.

De onbestemde angst van een paar weken geleden is weggedeemsterd. In de plaats is er nu een vreemde mengeling van aanvaarding en eent tik verontwaardiging. Ik kijk nog maar eens per dag naar de nieuwsberichten. Sommigen lijken niets liever te willen dan elkaar en zichzelf te verscheuren. Een pandemie is een natuurfenomeen. Eentje die de illusie van absolute controle over de realiteit doorprikt. De mens en de maatschappij zijn minder maakbaar dan we onszelf wijs maken. Net daarin schuilt een kans om met meer empathie voor onszelf en anderen in deze tijden te leven.

Quarantaine: week 1

Vorige week pendelde ik nog dagelijks naar Gent. We wisten dat de situatie niet goed zat. Handen wassen, van mijn gezicht blijven, tram en bus vermijden,… Woensdagavond kregen we de keuze om thuis te werken. Niemand wist goed wat er op ons af zou komen. Donderdag trok ik het laatst naar Gent. Ons kantoor was goed deels leeg. En toen kwam donderdagavond en de eerste golf van echte maatregelen.

Toen werd het menens.

De laatste zeven dagen leek het alsof ik in een blikken doos zat waar om het uur stevig mee werd geschud. Het slechte nieuws bleef maar komen, en ik zat gekluisterd de feeds op mijn smartphone te verfrissen op zoek naar houvast. Het besef begon te dagen dat ik tijdens het dagelijkse pendelen besmet kon zijn geraakt. En zwijg ik nog over de bezorgdheid over al die anderen rondom mij.

Ondertussen zijn we een week verder. Ik heb het vorige weekend hard door gewerkt om het plots thuiswerkende team op maandag van werk te kunnen voorzien. Vandaag is het Dies Natalis van mijn Alma Mater. Ik rust en ik ga op zoek naar afleiding. Ik wissel af tussen muziek luisteren, lezen, YouTube of Netflix en spelletjes spelen via Steam. Lang slapen is er ook bij. Ons plan is om zo min mogelijk buiten te komen en zo veel mogelijk via online bestellen gedaan te krijgen.

Op afgesproken uren komt de straat in zijn of haar deur of raam staan. Dan applaudisseren we allemaal voor de helden van de zorg. Nadien blijven we hangen en praten we na. Ook al is het van op een afstand, het doet deugd om even de buren te spreken.

Cabin fever heb ik niet. En ik kijk ook vooruit. Maandag begint een nieuwe werkweek, met hernieuwde plannen. Ik besef ook dat ik een geluksvogel ben die perfect kan telewerken. Voor heel wat mensen ligt dat anders. Ik kan alleen maar hopen dat de komende storm ons niet al te hard raakt.

Hoe ik dit alles ervaar doet me des te harder beseffen waarom mensen vroeger zo hard terug grepen naar hun geloof. Als je helemaal geen houvast hebt en niet weet waarom mensen rondom jou ziek worden, dan is dat het enige wat er rest. Ik ben dankbaar dat ik in een tijd leef waarin we precies weten wat er gebeurt en wat we moeten doen om het tij te keren. De uitkomst ligt helemaal in onze handen en dat stemt me tegelijk ook hoopvol.

Politico liet alvast 34 denkers aan het woord over hoe de toekomst er kan uitzien. Misschien is het nog te vroeg voor al te grote uitspraken. Anderzijds is vooruit kijken ook net wat ons menselijk maakt. Laten we vooral even in het hier en nu leven. De rest komt later.

Screencasts en een vaag plan

screencasts screencasts

Vandaag had ik op het werk nog eens een moment waarin ik enthousiast dacht: “Hier moet ik een screencast van maken!”. Dat zit zo. Tegenwoordig is de terminal met een Bash shell mijn digitale werkplaats. Met command line tools zoals grep, awk, sed,… verplaats of transformeer ik allerlei files en data heen en weer. Sommige dingen doe ik nu in 1 lijn aan elkaar gelaste commando’s waar ik er vroeger een stuk of wat complexe bewerkingen voor zou doen. Ik zou die ervaring best wel graag willen delen, eigenlijk feitelijk.

Het is geen nieuw idee. Ik heb namelijk een YouTube kanaal waar ik in een grijs verleden een aantal screencasts heb gepubliceerd. Weinig tijd en weinig ruimte in mijn hoofd zorgden ervoor dat ik niet veel aandacht aan het resultaat besteedde. Alleen mag ik vaststellen dat die enkele video’s het wel aardig doen, ondanks dat het nogal bijzonder specifieke en technische onderwerpen gaat. Zo haalde “Convert XML to CSV the easy way” tot op heden zo’n 27.000 views. Niet slecht!

En dus bedacht ik mij dat ik misschien wel eens wat bite-size screencasts van hooguit 5 a 10 minuten zou kunnen maken waarin ik specifieke command line kung fu demonstreer. Neem een klein maar concreet probleem, en los het op door een aantal commando’s aan elkaar te rijgen.

Ik ben natuurlijk niet de eerste die met dat idee af komt. Zo volg ik mijn veel interesse EngineerMan die iets gelijkaardigs doet. En zo zijn er nog wel tig kanalen die hetzelfde doen. Het punt is dat ik het onderwerp op mijn eigen manier wil brengen.

Tenslotte intereseert screencasting mij om een andere reden: mijn techblog. Die is eveneens zo goed als levensloos gevallen. Een goede tutorial uitschrijven kost best wel wat tijd en werk. En een beeld zegt meer dan een paar woorden. Ik denk dat een korte screencast met referentie materiaal op Github dan sneller gemaakt is en meer impact heeft.

Toch een projectje om in 2020 te verkennen …

Marie’s Room

Like Charlie is een Gentse Indie videogame studio. Pas begonnen. Hun debuut was Marie’s Room. De blurb op hun website:

Marie’s Room is a short story exploration game about an unconventional friendship between two classmates. You play as Kelsey, remembering Marie’s room as it was twenty years ago. But something’s off. What happened to Marie?

Dit spel is eigenlijk een kleine point ’n click adventure die je in een half uur uit kan spelen. De charme zit in de premise en de sterkte van het verhaal. Als Kelsey probeer je te achterhalen wat er met Marie is gebeurd door haar kamer te doorzoeken.

Zonder al teveel te willen verklappen: het verhaal gaat over vriendschap, kwetsbaarheid, verdriet en trauma. De personages zijn geen kartonnen borden of karikaturen zoals in vele andere spelletjes. Bovendien wordt er enorm ingespeeld op de verbeelding van de speler, waardoor dit nog zoveel meer diepgang krijgt.

Daarnaast is Marie’s tienerkamer een doosje dat steeds meer onthult naar mate je verder op onderzoek gaat. Het is verrassend hoe de makers met zo weinig speelruimte toch zo’n meeslepende ervaring wisten te creeeren.

Marie’s Room is zeker een aanrader.

Ondertussen zijn ze bij Like Charlie met Ghost on the Shore druk bezig aan de opvolger. Marie’s Room heeft alvast laten smaken naar meer.

Sam Mendes brengt spektakel met 1917

Ik ben onlangs naar de bioscoop geweest. De laatste film van Sam Mendes moest ik wel op groot scherm ervaren. 1917 is dan ook een cinematografische overdondering. Als superlatief kan dat wel tellen. In het genre, oorlogsfilms, zou je denken dat we alles wel eens hebben gezien. Grootse actieshots, een muur van geluid, decors, kostuums en effecten om de gruwel, de chaos, de verwarring en het lijden toch maar nabij te brengen.

Sam Mendes is er echter in geslaagd om een nieuwe beeldtaal te ontwikkelen. Veel is er geschreven over het feit dat zijn film een continuous tracking shot is. Geen cuts, geen overgangen. Je blijft de 2 hoofdrolspelers op de hielen volgen. Alleen doet dat de film enorm te kort.

Mendes speelt met een combinatie van cinematografie, premise, decors en muziek om de Eerste Wereldoorlog tot leven te brengen. Wat nog het hardst opvalt is dat Mendes gekozen heeft voor een evocatie die de Duitsers hooguit als dreigende schaduwen in beeld brengt. Daarentegen brengt Mendes voluit de nasleep van de strijd in al haar rauwheid in beeld. Als kijker krijg je slagvelden, kapotgeschoten boerderijen en verwoeste dorpen in al hun naakte detail voor de kiezen. Voor wie ooit foto’s van de verwoestingen in deze streek heeft gezien, zal de scenografie vertrouwd en daardoor confronterend aanvoelen.

De dreigende muziek van Thomas Newman jaagt de kijker niet alleen op, ze maakt keer op keer de aansluiting met de cinematografie en duwt je nog dieper in deze totaalervaring.

En om die ervaring is het Mendes duidelijk te doen. Want ook de keuze van de cast en het script reflecteert duidelijk zijn wens om de kijker zo veel mogelijk te vervreemden van de eigen realiteit. De hoofdrollen zijn jongeren die je even goed vandaag op de trein zou tegen komen. Onbekenden waarmee je even het pad kruist, flarden uit hun leven in gesprekken opvangt, en dan weer verdwijnen. Na 3 jaar oorlog beperken de overpeinzingen van de personages zich hooguit tot overleven en sakkeren over modder, het leger en het thuisfront. De kijker wordt volledig alleen gelaten om zelf te kiezen hoe de film kan worden geinterpreteerd.

In ieder geval vind ik het aantal oscarnominaties meer dan terecht. Hoewel dit geen ontspannen zaterdagavondfilm is, kan ik een cinemabezoek zeker aanraden.

19/20

Vorig jaar riep ik 2019 uit tot het Jaar van de Zelfzorg zonder al te grote voornemens of beloftes te maken. En maar goed ook, want ook nu werd het een jaar met heel wat veranderingen.

In september ben ik gestart als dataspecialist voor de Universiteitsbibliotheek Gent in vast dienstverband. Die overstap heeft het grootste deel van mijn 2019 gedomineerd. Een andere rol, andere werkomgeving, ander probleemdomein. Het was een grote sprong om te maken. Maar naar mijn gevoel was het wel de juiste zet vooruit.

Het is ook het jaar waarin Louise startte in het eerste middelbaar. Zoeken naar een school, een studiekeuze maken, een nieuw ritme, nieuwe klas, nieuwe vrienden,… Praten, luisteren, meeleven en weer wat meer loslaten. In 2019 maakten we zelf ook een groeispurt met de tiener in huis.

Ik heb heel wat gereisd in 2019. Meer dan ik aanvankelijk verwacht.

  • Mei 2019, Berlijn
  • Augustus 2019, Frankrijk
  • September 2019, Parijs
  • September 2019, San Fransisco
  • December 2019, Spanje

In 2019 las ik deze boeken. Sommige vond ik beter dan andere.

  • Terry Pratchett, Moving Pictures *****
  • Frank Herbert, Dune ****
  • Jon Gertner, The Idea Factory: Bell Labs and the Great Age of American Innovation ****
  • Terry Hayes, I am Pelgrim ***
  • Philip Reeve, Mortal Engines ***
  • Liu Cixin, The Three-Body Problem **
  • Clifford Stoll, The Cuckoo’s Egg *****
  • Conn Iggulden, Genghis: Lords of the Bow ****
  • Philipp Blom, Wicked Company ****

In het voorjaar van 2019 hebben we onze bureau volwaardig ingericht. Na onze verhuis diende die als opslagplaats van onuitgepakte dozen. De vorige bewonders gebruikten die ruimte als kinderkamer en dus keek mijn tijdelijke bureau uit op een reusachtige Winnie The Pooh sticker. We hebben we in april onze ruggen gerecht en de handen uit de mouwen gestoken. Dankzij die upgrade hebben we nu een volwaardige werk/hobbyruimte.

In het najaar van 2019 heb ik de MacBook ingewisseld voor een Dell XPS 13. Ik heb enkele weken Windows 10 de kans gegeven om mij te overtuigen, maar uiteindelijk ben ik overgestapt naar Fedora Linux. Eerst op mijn werklaptop, maar uiteindelijk voor alles wat personal computing is. Gaming daar gelaten, want op dat vlak spant Windows nog steeds de kroon.

Hoe zie ik 2020?

In 2020 wil ik weer meer zelf bewust omgaan met digitale technologie. Een les die ik uit 2019 mee neem is dat sociale media niet het beste in de Mens naar boven haalt. De huidige staat van de wereld en de maatschappij vraagt meer dan ooit om debat en actie. Maar ik merk dat de wijze waarop het publieke debat op sociale media wordt gevoerd, ook persoonlijk voor onrust in het hoofd zorgt. En dus hoop ik in het komende jaar mijn verhouding met sociale media anders te definieren.

Dat geldt trouwens voor personal computing tout court. Zo wil ik in het komende jaar reflecteren over mijn eigen digitale identiteit. In 2015 schreef Hossein Derakhshan een blogpost: The Web We Have to Save. Sindsdien is er een beweging die ingaat tegen grote corporaties die het onafhankelijke Web bedreigen en ons als individuen en gemeenschap via digitale platformen proberen koloniseren. En dat stemt tot nadenken over een aantal van mijn eigen digitale gewoontes en hoe die in het laatste decennium zijn gegroeid.

In de voorbije jaren nam ik de zorgen van op mijn werk te vaak mentaal mee naar huis. Ik deed mezelf daar geen cadeau mee. In 2019 ben ik daar resoluut paal en perk aan beginnen stellen. Zo vond ik het ge-wel-dig om in de week van 21 juli – 50 jaar na Apollo 11 – de Saturnus V raket van Lego ’s avonds in mekaar te puzzelen met een livestream van Walter Conkrite op de achtergrond. In 2020 wil ik tijd spenderen in hobbies en activiteiten die ik gewoon zelf leuk vind om te doen. Zonder meer of verdere doelstelling. In tijden van doorgeslagen nutsdenken is tijd triviaal besteden misschien nog wel de grootste vorm van activisme.

Mijn Github profiel

Een klein decennium maak ik gebruik van Github om mijn eigen digitale projecten een parkeren. En om deel te nemen aan andere open source initiatieven.

Alles wat je doet op Github, doe je en plein public. Zo is het platform immers in eerste instantie ontworpen: als een plaats waar code open wordt gebouwd en gedeeld. Dat betekent dat iedereen inkijk heeft in andermans digitale werkplaats. Wat niet altijd ideaal is. Ten eerste kent het gros van de digitale projecten een eindig leven. En dus verzamelde ik in al die jaren heel wat oude of in onbruik geraakte bagage. Ten tweede is er code die ik wel veilig wil stellen, maar daarom niet noodzakelijk met de buitenwereld wil delen. De code van dit blogje is een voorbeeld.

Het eerste probleem, daar heb ik net werk van gemaakt. Ik heb een pak oude projecten de status “archived” gegeven. Zo geef ik aan dat ik die projecten niet meer onderhoud. Ik bewaar ze voornamelijk uit nostalgie: werk dat ik ooit heb gepresteerd in andere tijden. Een aantal projecten heb ik volledig verwijderd. Het gaat om code die in mijn ogen buiten het strikt utilitaire echt geen waarde heeft. Verouderde configuratie voor een ontwikkelomgeving bijvoorbeeld.

Sinds begin dit jaar biedt Github ook gratis private projecten aan. Voorheen zat dat in hun betalend aanbod. Tot nu toe maakte ik uit noodzaak gebruik van Bitbucket voor een aantal private projecten. Dat hoeft dus niet langer. Het plan is om gaandeweg alles te consolideren op Github.

De hele oefening zorgt voor ruimte in mijn hoofd. Het verleden loslaten is plaats maken voor nieuwe, toekomstige projecten.